Koorizon

Een koordirigent schrijft over muziek en zo

Ihr aber seid nicht Fleischlich

Voor degenen die niet alle repetities hebben kunnen bijwonen, wil ik het hebben over de interpretatie van deel 6 uit J.S. Bach’s motet “Jesu, meine Freude” (BWV 227), de prachtige en moeilijke 5-stemmige fuga die begint op de tekst “Ihr aber seid nicht Fleischlich, sondern Geistlich“.

Tempo

Allereerst het tempo. Van veel uitvoeringen krijg ik de indruk dat het als een uitdaging, of een bewijs van vaardigheid wordt gezien om dit stuk zo snel mogelijk uit te voeren. Dat klinkt en is zonder meer heel knap, maar gaat wat mij betreft voorbij aan een aspect van deze muziek dat alleen vrijkomt en hoorbaar wordt bij een langzamer tempo.
Dus stel je metronoom maar in op ongeveer 63 voor de waarde van de kwartnoot. En probeer dan het openingsthema van de tenor in dat tempo te zingen. Dan kun je -als je wilt- opmerken hoe de muziek zich gedraagt als een leidende danser die samen met een danspartner een dans uitvoert. In de achtste noten van de eerste maat voel je het enthousiasme van de danser voor het traag kloppende ritme van de dans. Dat enthousiasme komt voort uit de ontdekking dat de fictieve danspartner (het ‘tegenover’-aspect) in haar diepste wezen niet ‘vleselijk’ is, maar geestelijk. Meer algemeen, dat een mens uiteindelijk een geestelijk wezen is, en niet een lichamelijk wezen. Het enthousiasme daarover laait op in de noten: pure geestdrift vormt de melodie.
We ademen na het woord “Fleisch-lich”, zodat we fris kunnen beginnen aan de 16e-noten op het woord “Geistlich”, die beginnen in de 2e helft van de 2e maat. Die 16e noten lijken de omtrek te beschrijven van die geestelijke mens die waargenomen wordt, zelfs met een zekere lust:  zoals in de uitdrukking “iemand met de ogen uitkleden” wordt hier de geestelijke mens bijna als lustobject beschreven in een vormgevende gestalte van 16e noten, waarbij als het ware de mens door het geestelijk oog, dat door het ‘vleselijke lichaam’ heen kijkt, wordt uitgekleed. Terwijl dat gebeurt valt de 2e stem (de alt) in met het fuga-thema.

Het ‘tegenover’-aspect van de dans

Belangrijk is dus, om door het hele stuk heen het gevoel te behouden van een dans, waarbij elke stem de noten zingt als tegen een fictieve danspartner, een “tegenover” waartoe men zich verhoudt als in een dans. Eigenlijk is dit stuk niets minder dan een religieuze tegenhanger van een tango. Niet de lichamelijke aantrekkingskracht, de erotische passie is hier de drijfveer, maar de letterlijke geestdrift, dat wil zeggen het vuur, het enthousiasme over het onmiddellijke ontdekken van geestelijk zijn in hetgeen zich tegenover je bevindt.

Eén reactie op “Ihr aber seid nicht Fleischlich

  1. Kristien Jansen
    25 mei 2010

    Dag,

    Erg indrukwekkend. overtuigend ook.

    Voor mijzelf zijn lichaam en geest juist erg een eenheid en doorstralen elkaar, tenminste dat hoop ik.

    Maar dit is een prachtig perspectief, letterlijk een uitzicht.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Informatie

Dit bericht was geplaatst op 24 mei 2010 door in concert, dirigeren, interpretatie, koorzang, kunst, muziek en getagd als .
%d bloggers liken dit: